Grootste objectieve website voor
 complementaire en alternatieve geneeskunde

IOCOB

Home > Meest gebruikte behandelwijzen > Antroposofie > Geintegreerde kindergeneeskunde

Geintegreerde kindergeneeskunde

Share |
Edmond Schoorel is kinderarts en werkt vanuit antroposofisch perspectief. Hij deelde met ons zijn ervaring bij het opzetten en uitvoeren van een kinder therapeuticum waarbinnen regulier en complementair samenwerken.

In 1996 is het Kindertherapeuticum gestart: een multidisciplinair samenwerkingsverband dat werkt in het overlappingsgebied van geneeskunde, psychiatrie, opvoeding en gezondheidsbevordering.

Ouders kunnen er terecht met vragen over de gezondheid, ontwikkeling en opvoeding van hun kind.

De medewerkers brengen hun reguliere kennis en ervaring in èn hun complementaire mogelijkheden. In twee opzichten is er dus sprake van integratie. Als medici werken er een kinderarts en een kinderpsychiater.

Als hulpverleners uit de GGZ een GZ psycholoog, orthopedagoog en een maatschappelijk werker. Als therapeuten een fysiotherapeut, logopedist, voedingskundige, kunstzinnig therapeut, muziektherapeut en euritmietherapeut. Er zijn twee praktijkassistentes.

Antroposofie: de bindende factor

Wat ons bindt is de antroposofie. Dat maakt dat we, vanuit welke vakgebied dan ook, in dezelfde terminologie over de kinderen en hun problemen kunnen praten. Daardoor hebben we geen communicatie- en afstemmingsproblemen ten aanzien van de beeld- en oordeelsvorming. Dat maakt ook dat een antroposofisch-menskundig geformuleerd behandelingsdoel voor iedere medewerker zelfstandig in zijn eigen vakgebied kan worden uitgewerkt. De antroposofie is dat, wat ons als medewerkers integreert. We zijn niet primair een vriendenclub of een geldverdien instelling. We werken samen omdat iedereen ervoor kiest de antroposofie tot uitgangspunt te nemen.

Dat dat nu al 11 jaar werkt, is natuurlijk erg enthousiasmerend. We zijn als kostenmaatschap georganiseerd, iedereen werkt voor eigen rekening en risico, de assistentes zijn in loondienst. Grosso modo verdient iedereen een bescheiden inkomen in het Kindertherapeuticum. Op één na heeft iedereen ook elders nog een werkkring. Het dagelijks werk is zo ingericht, dat de ouders schriftelijk aanmelden. Als het een vraagstelling voor de kinderarts of kinderpsychiater is, dient er een verwijzing van de huisarts te zijn.

Op grond van de vraagstelling van de ouders en de verwijzer wordt er een onderzoekstraject gepland. Het kind en zijn ouders komen op 1 of 2 dagdelen naar het Kindertherapeuticum in Utrecht voor onderzoek door enkele medewerkers. Daarbij hoort ook een intake door de kinderars, kinderpsychiater of orthopedagoog. Op de wekelijks teamvergadering worden de kinderen van die week besproken. In de week er op wordt het adviesgesprek gevoerd door de intaker. In dat adviesgesprek komen de individuele waarnemingen van de betrokken medewerkers aan bod, een samenvattend beeld en een adviestherapie. De behandeling wordt meestal uitgevoerd door professionals in de regio waar het kind woont. De intaker verzorgt de verslaglegging en z.n. zorgt de therapeut voor overdracht aan zijn beroepsgenoot. Een klein deel van de kinderen wordt in het Kindertherapeuticum behandeld.

Ongeveer 70% van ons werk is diagnostisch, 30% therapeutisch. De kinderen komen uit het hele land, enkele uit Vlaanderen. 60% komt uit de grote regio rond Utrecht, d.w.z. t/m ’t Gooi, Amersfoort, Wijk bij Duurstede en Woerden. Een derde is actief verwezen door een antroposofische huisarts, tweederde heeft een niet antroposofisch werkende huisarts. Veelal hebben de ouders dan om een doorverwijzing gevraagd.

De praktijk, twee voorbeelden

Hoe ziet het er in de praktijk uit? Voorbeeld: 9 maand oude zuigeling met eczeem. Zuigelingen hebben voorrechten: er wordt een spoedplek georganiseerd, d.w.z. binnen een week bij de kinderarts en de fysiotherapeut en na 2 weken bij de voedingskundige.

De kinderarts stelt vast dat het om constitutioneel eczeem gaat en schrijft in afwachting van het adviesgesprek een stofwisselingsmiddel voor (Geum urbanum D4) en een teerzalf + verbandmateriaal naast de door de huisarts al voorgeschreven neutrale crème en hydrocortison crème.

De fysiotherapeut masseert het kind bij moeder op schoot. Er is weerstand in de nek en daaronder is de huid van de rug juist te slap. Zowel de tonus als de turgor zijn onvoldoende. De benen zijn niet goed te masseren: het kind duwt de handen weg en gaat huilen. Haar conclusie: niet-vanzelfspekende verhouding met de lichamelijkheid. Aan de benen: “niemand thuis”.

De voedingskundige vermoedt op grond van de anamnese en het voedingsdagboek dat allergie geen belangrijke rol speelt. Ze geeft enkele adviezen betreffende de voedingskwaliteit en de verteerbaarheid van de bijvoeding. In het adviesgesprek na 1 week worden de algemene principes van eczeem uitgelegd.

Het gaat om een waarnemingsprobleem (te veel input), een verteringsprobleem (wat er in komt, ook niet substantieel, wordt niet volledig verteerd en blijft storen) en als resultante: een grensprobleem. Dat grensprobleem toont zich in het eczeem op de huid, maar ook in het gedrag (grenzen verleggen). Het kind krijgt ritmische massage in de eigen woonplaats, de ouders worden uitgenodigd voor de oudercursus over eczeem en allergie, in het Kindertherapeuticum.

De behandeling wordt door de eigen antroposofische huisarts voortgezet. Het verslag van de consulten en van de adviezen gaan naar de huisarts, kopie naar de ouders. Vervolgconsult: zo nodig. Beschouwing: kinderen met eczeem steken niet goed in hun lijf. Dat de massagetherapeut dat met 9 maanden al zo overduidelijk kan vaststellen is frappant. Het is in strijd met het beeld van de mollige, roze baby, een kind uit één stuk. Het helpt kinderen enorm met de jeuk en de ongedurigheid als ze m.b.t. massagetherapie en andere maatregelen beter in hun lijf komen te steken.

Het eczeem wordt beter en soms gaat ’t over. De ouders hebben bij dit eczeemkind een belangrijke rol. Ze zullen de “prikkelreductie” onder hun verantwoordelijkheid moeten gaan nemen en ze moeten leren omgaan me de eindeloze grensproblemen, die bij allergie/eczeem horen. Daarvoor is de cursus van 5 donderdagavonden ingericht. Ander voorbeeld.

Remco 

Een 10-jarige jongen wordt aangemeld op advies van school. Het kind heeft een leerprobleem en is enorm warrig en ongeconcentreerd, Heeft hij geen ADHD, kan hij geen Ritalin krijgen? Als ’t niet beter gaat op school kan hij daar niet gehandhaafd worden.

De schoolbegeleidingsdienst heeft Remco al onderzocht, gemiddelde intelligentie, uitval op concentratietaken. Remco en z’n ouders worden uitgenodigd voor een multidisciplinair diagnostisch onderzoek op een zaterdagmorgen. Met drie andere kinderen maken hij en z’n ouders een ronde langs diverse hulpverleners. Remco komt bij de kinderpsychiater, de kinderarts, de orthopedagoog, de euritmietherapeut en de muziektherapeut. Zijn ouders komen ook bij de kinderpsychiater en de kinderarts en hebben een gesprek met de GZ-psycholoog/pedagoog.

Op de zaterdagmiddag worden de 4 kinderen besproken en de week er op volgt het adviesgesprek. Het blijkt dat Remco’s ouders drie jaar geleden uit elkaar zijn gegaan en dat Remco drie dagen bij de ene ouder, drie dagen bij de andere ouder en afwisselend het weekend bij één van de ouders verblijft. Het is een speelse, springerige kleuter geweest. De schoolprestaties gaan m.n. het laatste jaar achteruit,

Remco gedraagt zich stoer en onverschillig. Bij ons toont hij z’n gezellige, fantasievolle kant. Hij vertelt dat hij geen moeite heeft met de scheiding en zijn nieuwe levensomstandigheden, we kunnen dat amper geloven. Ritmisch is hij niet sterk. Zowel in de euritmie als in de muziek is hij zomaar “de weg kwijt” als hij een ritme vol moet houden. In de onderzoeksituatie zien we niets van onrust, overbeweeglijkheid of afleidbaarheid. In het teamoverleg concluderen we dat Remco in allerlei opzichten de weg kwijt is. We menen dat we zijn probleem niet met Ritalin oplossen. We besluiten de ouders te adviseren Remco muziektherapie te geven en met hen zelf een aantal gesprekken over de opvoedingsituatie te hebben.

De orthopedagoog neemt contact op met de intern begeleider van de school. De kinderarts ziet wel wat in ondersteunende medicatie. Niet voor de “ADHD” maar voor de gevoelens van ontworteling en onzekerheid die Remco heeft opgedaan. Een soort shocktherapie. Remco krijgt een zilverpreparaat en Oxalis D3. Na vier maanden willen we hem terugzien, met een evaluatie van de leerkracht.

Beschouwing: Aan de vraag naar ADHD-medicatie zit in onze ervaring bijna altijd een verhaal vast. Soms schrijven we Ritalin voor, in een poging een periode te overbruggen. Vaak blijkt het kind in de periode toch van school te zijn veranderd. Als er ècht ADHD wordt vastgesteld, is er met antroposofische medicatie, muziektherapie, euritmietherapie en ouderbegeleiding veel te bereiken. Maar dat is een ander verhaal.

Toekomst

We hebben ook wensen. Wij menen dat onze aanpak effectief en efficiënt is. Onze clientèle vindt dat ook, blijkt uit de twee rendementsonderzoeken die wij hebben laten uitvoeren. Maar wetenschappelijk onderzoek zou het werk in het Kindertherapeuticum verrijken en verruimen. Daarvoor zijn mensen nodig, meer dan we nu hebben. Een tweede kinderarts en kinderpsychiater met onderzoeksbelangstelling staan hoog op de prioriteitenlijst. Ook het preventieve effect van ons werk, b.v. met de cursussen, zou daarin meegenomen kunnen worden. Gezondheidbevordering is onze hoofddoelstelling en dat is lastiger te meten dan ziektebestrijding.

Het kindertherapeuticum is gevestigd in Utrecht.

Edmond Schoorl, kinderarts, 16 september 2007

Berichten

  1. Catherina (Kitty)Boogh, Raad v zegt:

    Christina Froon heeft in 2007 Stichting Pyxis opgericht voor opvang van jongeren.
    Binnenkort wordt ook een gebouw aangekocht voor het stichten van een opvanghuis voor babies. Er wordt op vergelijkbare manier gewerkt zoals die in bovenstaande casussen naar voren komt. Vanwege de goede herinneringen die Christina heeft aan de behandeling van haar dochter Roswitha door Edmond Schoorel, heeft ze mij verzocht contact te zoeken met hem. Website van de stichting is
    http://www.pyxis.nl. Mijn emailadres is c.boogh@planet.nl

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *