Grootste objectieve website voor
 complementaire en alternatieve geneeskunde

IOCOB

Home > Complementaire behandelwijzen > Science > Von Feyermorgen over medische therapie

Von Feyermorgen over medische therapie

Share |
Professor Ludwig von Feyermorgen gaf in Bayreuth (2009) ook aan dat de filosofie van de medische therapie een zeer dun hoofdstuk is binnen het dikke boek van het medisch denken en handelen. In Duitsland bijvoorbeeld werd door Michael Kottow een analyse gegeven van alle thema's binnen de filosofie van de geneeskunde in de naoorlogse periode. Wat betreft de medische behandeling gaf Von Feyermorgen aan dat Kotow tot de schokkende conclusie kwam dat: Therapy has only sporadically been dealt with directly by metamedical writers in the Federal Republic of Germany. En dat geneeskunde vaak pragmatisch te werk gaat, waardoor de theoretische achtergronden meestal onzichtblaar blijven, maar dat er duidelijk controversen schuilen onder dat pragmatisme: It has already been pointed out that therapeutically worthless diagnostics is irrelevant, and that medicine often short-cuts from a quick clinical appraisal towards immediate, active therapy. But even though therapy is marked by the signs of pragmatism, it is hardly immune to theoretical controversies. Goed om ons dat in de oren te knopen bij de discussie met de leden van de Vereniging tegen de Kwakzalverij!

Daarbij geeft Kottow ook duidelijk aan dat of iets werkzaam is, afhankelijk is van hoe we willen kijken: door de ogen van de arts of door die van de patient!

After all, the question of determining what successful therapy is can be answered in a number of ways and with diverse connotations depending on whether it is the therapist, a non-participating observer or the patient who evaluates.  

Binnen de geneeskunde kunnen verschillende benaderingen bestaan! 

Von Feyermorgen sloot aan bij de moderne kennistheorie en gaf aan dat het een klassieke fout is van het zogenaamde logische empirisme, de ruggengraat van de reguliere geneeskunde, om uit te gaan van een lineair kennisproces en dat er daarin maar plaats is voor een specifieke benadering (de reguliere). Ook dat had Kottow in zijn opstel onder woorden gebracht met:

To believe that therapy can be critically analyzed and progressively improved is a fallacy resting upon a kind of logical empiricism that erroneously confides in the progressive and linear apposition of knowledge.

In the field of therapeutic indications, incommensurably different theories and approaches may coexist. The best one can do is to clearly specify the elements of therapeutic acts – clinical problem, diagnosis, therapist, therapeutic means and techniques, desired goals -.

Once specified, different therapies could be compared as to their efficacy in relation to these elements. This will always yield diachronically perishable and ad hoc information, leading to the synchronous coexistence of diverse and equally valid therapeutic approaches.

Zo waren deze inzichten weer zeer waardevol om er binnen onze vaderlandse geneeskunde kennis van te nemen! 

Bron 

Philosophy of medicine in the Federal Republic of Germany (1945–1984) in: Theoretical medicine and bioethics, Volume: 6 Issue: 1 (February 1, 1985), pp: 43-64 door:  Kottow, M. 

Verdere literatuur:

Westmeyer, H.: 1972, Logik der Diagnostik. Grundiagen einer normativen Diagnostik, W. Kohlhammer, Stuttgart.

Westmeyer, H.: 1980, ‘Treatment indication in psychotherapy: Some methodological aspects’, Metameclicine 1,263-275.  

Stachowiak, H.: 1983, ‘Medizin als Handlungswissenschaft’, in R. Gross (ed.), Modelle und Realitaeten in der Medizin, in: F. K. Schattauer Verlag, Stuttgart/New York, pp. 7-22.

Toellner, R.: 1983, ‘Krankheitskonzept und Diagnose’, in R. Toellner and K. Sadegh-zadeh, Anamnese, Diagnose und Therapie, Burgverlag, Tecklenburg, pp. 9-15.

Toellner, R.: 1983a, ‘Der Patient als Entscheidungssubjekt’, in R. Toellner and K. Sadegh- zadeh, Anarnnese, Diagnose Uncl Therapie, Burgverlag, Tecklenburg, pp. 237-247.

Victor, N.: 1980′ ‘Nonparametric allocation rules’, Metamedicine 1, 85-93.   

Schaefer, H.: 1980, ‘Gesundheit und Wohlbefinden’, in H. Schaefer (ed.), Der gesunde kranke Mensch, Patmos, Duesseldorf, pp. 37-58. Schaefer, H.: 1981,Plaedo fuer eine neueMedizin, 2nd ed., R. Piper & Co., Miinchen.

Schaefer, J.: 1980, ‘The case against coronary artery surgery’, Metamedicine 1, 155-176.

Schaefer, J.: 1983, ‘Therapeutisch relevante kardiologische Diagnostik’, in R. Toellner and K. Sadegh-zadeh (eds.), Anamnese, Diagnose und Therapie, Burgverlag, Tecklenburg, pp. 173-180.  

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *