Wat bezielt de UvA als wetenschappelijke instelling? De Universiteit van Amsterdam, die pretendeert een eerbiedwaardig en toonaangevend bolwerk te zijn waarbinnen in den brede allerlei takken van wetenschap op academisch niveau worden beoefend, wordt op 6 juni 2009 door de Vereniging tegen de kwakzalverij ingelijfd.
Door een grove miskleun verliest deze gerenommeerde universiteit haar prestige en geloofwaardigheid als wetenschappelijke instelling. Op die dag wordt namelijk ruim baan gemaakt voor een bekend en hooggeleerd spreker die deze gelegenheid aangrijpt, ja eigenlijk misbruikt, om zich bij uitstek te profileren als een uitgesproken representant van de bekende, maar uiterst omstreden medische splintergroep - de Vereniging tegen de kwakzalverij - welker agressief uitgedragen gedachtegoed niet alleen een aanfluiting, maar ook in hoge mate schadelijk, is voor een onbevooroordeelde en eigentijdse wijze van de beoefening der geneeskunde. Wat is er aan de hand dat de UvA haar goede naam als wetenschappelijke instelling ook weer op deze dag – en dit bij herhaling - zo ondoordacht te grabbel gooit?
Prof. dr Piet Borst spreekt als propagandist van de Vereniging tegen de kwakzalverij
Op 9 juni 2009 wordt door de UvA een alumnidag georganiseerd waarop zij een gevarieerd programma aanbiedt aan haar afgestudeerden (zowel medici als niet-medici). Deze feestdag vangt aan met een spreekbeurt van niet minder dan prof. dr Piet Borst, emeritus hoogleraar klinische biochemie aan deze universiteit, uitnemend en vele malen (ook internationaal) onderscheiden kankeronderzoeker, en ook nog bekend als columnist over een breed scala van onderwerpen bij de NRC, kortom een parel aan de UvA-kroon.
Wie dan ook zou verwachten dat Borst zijn spreekbeurt uitsluitend zou benutten om zijn toehoorders te informeren over de ontwikkelingen op het terrein waarop hij pleegt te excelleren – de huidige stand van zaken en vooruitzichten van het wetenschappelijke kankeronderzoek - komt echter geheel bedrogen uit.
Via een aankondiging plus foto op de website van de Vereniging tegen de kwakzalverij wordt namelijk aan de gehele bevolking (en dus niet alleen aan de alumni) medegedeeld dat Piet Borst zal spreken over het onderwerp ‘Kwakzalverijbestrijding: Sisyphusarbeid?’ Daarmee treedt de hooggeleerde emeritus dan ook niet voor het voetlicht vanwege zijn alom gerespecteerde kwaliteiten als beroemd kankeronderzoeker, maar louter in zijn hoedanigheid van propagandist van de Vereniging tegen de kwakzalverij.
Borst is namelijk reeds jaren lang lid van dat omstreden genootschap, en maakt ook deel uit van de redactieraad van het verenigingsorgaan, het Nederlands tijdschrift tegen de kwakzalverij. Een blamage van de UvA die zichzelf hiermee als academisch instituut op een ontstellende wijze te kijk zet.
De vooroordelen van Piet Borst tegen complementaire geneeskunde
Wie de optredens, uitspraken en NRC-columns van Piet Borst gedurende een reeks van jaren heeft gevolgd, weet dat deze geleerde zich over alternatieve/complementaire geneeskunde steeds in afkeurende, ja zelfs minachtende, zin uitlaat. Ook in de aankondigingspropaganda voor de geagendeerde spreekbeurt van Borst ritselt het weer van oneliners als ‘acupunctuur (oosterse hocus-pocus), ‘homeopathie (westerse flauwekul)’ ’evidence based complementaire behandelmethoden: een contradictio in terminis’ en ‘bescherming tegen alternatief gepruts’ met welke populistische slogans zijn aanstaande toehoorders al vast worden opgewarmd.
Kenmerkend voor de bevooroordeelde opstelling van Borst jegens alle vormen van CAM, welke ook zo kenmerkend is voor de Vereniging tegen de kwakzalverij, is dat hij de andere kant opkijkt en zijn oren toestopt zodra CAM-onderzoekers hem voorhouden dat het merendeel van de regulier-medische interventies helemaal niet EBM is – en dus volgens Borst’s eigen definitie sprake is van kwakzalverij - terwijl voor een scala van complementaire behandelmethoden wel degelijk wetenschappelijk bewijs voorhanden is wat betreft haar effectiviteit en veiligheid.
Van dergelijk beschikbaar complementair onderzoek wenst Borst echter geen kennis wenst te nemen.
In de bijdrage op de IOCOB-website, getiteld IOCOB meets Piet Borst in NRC, confronteert de voorzitter van IOCOB, prof. dr Jan Keppel Hesselink, Borst met de stelling dat van de alternatieve geneeskunde minstens zoveel bewezen is van de reguliere geneeskunde, en dat de hardnekkige non-acceptatie van dat feit in reguliere kringen niet uit rationele maar uit emotionele drijfveren voortspruit. Borst heeft echter geen boodschap aan deze hem onwelgevallige stelling want hij biedt geen gelegenheid tot het voeren van een openbaar debat en hij volhardt blijkens de titel van zijn spreekbeurt vervolgens in het berijden van zijn fundamentalistische kreupele stokpaarden, waarmee hij een waarlijk eigentijdse geneeskunde – waarin het beste uit de gangbare geneeskunde en complementaire behandelvormen wordt geintegreerd – een wel zeer slechte dienst bewijst.
Voor het berijden van dergelijke fundamentalistische stokpaarden door Borst – welke activiteit uitdrukkelijk buiten de draaicirkel van wetenschapsbeoefening valt - behoort de UvA zich dan ook niet als een verwelkomende manège beschikbaar te stellen.
Daarom: UvA, praesidium paupertatis.
Het bruggehoofd van de Vereniging tegen de kwakzalverij binnen de UvA
De miskleun van de UvA ten aanzien van het onderwerp van de spreekbeurt van Borst staat helaas niet op zichzelf.
Reeds in 2004 is door de UvA aan de Vereniging tegen de kwakzalverij een bruggehoofd gegund bij de promotie van Cees Renckens, toen en nu voorzitter van de Vereniging tegen de kwakzalverij. In een de academie onwaardig onderonsje tussen de promovendus en zijn promotor (Van Dam, tevens secretaris van de Vereniging tegen de kwakzalverij) en door die Vereniging in de promotiecommissie dominerende leden (o.a. de onvermijdelijke Piet Borst zelf en Els Borst-Eilers) is aan Cees Renckens op dubieuze gronden een doctoraat in de geneeskunde toegespeeld op basis van een proefschrift (Dwaalwegen in de geneeskunde, over alternatieve geneeswijzen, modeziekten en kwakzalverij) dat in geen enkele wetenschappelijke bibliotheek een volwaardige plaats verdient.
In zijn boekwerk Kwakzalvers op kaliloog (2000) worden alternatieve geneeskundigen door Renckens o.a. betiteld als ‘kwakzalvers die volgens Dante in de diepste regionen van de hel zijn bevonden’, als ‘lieden die zich verder vooral in hun onreine sop gaar moeten koken’, als ‘brutale apen’ die ‘ons doen denken aan een zedeloze groep gajes’, als ‘beunhazen, warhoofd of misdadiger’ en als ‘medische randgroepjongeren’. Hun publicaties, aldus nog steeds de voorzitter van de Vereniging, ‘kunnen met de vuilnisman worden meegegeven’ en ‘sommige boekverbrandingen verdienen ieders sympathie’.
En over artsen die complementair werken merkt Renckens in het bijzonder op dat zij te kampen hebben met ‘ grootheidsideeën, overmatige distinctiedrift en andere karakterneurosen, en zelfs grovere psychiatrische problematiek’.
De dissertatie van Renckens is in wezen weinig meer dan een heruitgave van Kwakzalvers op kaliloog waarvan slechts de stijl is aangepast aan het gebruikelijke gepolijste universitaire jargon. Zo is dus overduidelijk voor welke ideologie de propaganda van Piet Borst staat. Nergens heeft Borst ooit afstand genomen van het abjecte taalgebruik annex de talloze andere extremistische uitlatingen van zijn Verenigingsvoorzitter, wiens streven er zelfs uitdrukkelijk op is gericht om CAM-artsen hun artsenbul te ontnemen en hun dus een Berufsverbot op te leggen.
De Vereniging tegen de kwakzalverij legt via het AMC een beroepsverbod op aan de sprekers op een congres over EBM van complementaire behandelvormen binnen de kindergeneeskunde
Dat een dergelijk Berufsverbot binnen de muren van de UvA geen hersenchim maar helaas een benauwende werkelijkheid is, blijkt uit het door de interventie van onder meer prof. dr M. Vermeulen, neuroloog AMC – ook lid van de Vereniging en de vermoedelijke de opvolger van Renckens als voorzitter – op 7 mei 2009 afgeblazen congres met als titel Op weg naar evidence based gebruik van complementaire geneeswijzen in de kindergeneeskunde.
De voorgewende reden daarvoor was dat de beoogde sprekers (nota bene 2 kinderartsen, 4 hoogleraren en 6 gepromoveerden) op dat congres geen ‘onafhankelijke helicopterview’ zouden hebben. Zie het onthullende verslag daaromtrent op de IOCOB-website, getiteld Berufsverbot voor Congres.
In werkelijkheid vreesde de Vereniging de opmars van CAM binnen de UvA en moet het geconstrueerde verzinsel inzake het gebrek aan helicopterview - alsof de rijkelijk van oogkleppen voorziene Piet Borst niet aan pure vakblindheid zou lijden – de aandacht afleiden van het ontstellende feit dat aan de sprekers op dat congres in feite door de Vereniging tegen de kwakzalverij een Berufsverbot is opgelegd. Duidelijk is wel dat de UvA sindsdien geheel is gemuilkorfd en braaf aan het handje loopt van de Vereniging tegen de kwakzalverij.
De definitieve inlijving van de UvA door de Vereniging tegen de kwakzalverij
Met de smaakmakende aankondiging van de aanstaande spreekbeurt van Piet Borst heeft de UvA haar wetenschappelijke souvereiniteit definitief prijs gegeven, en dit ten faveure van de dubieuze ideologie van de Vereniging tegen de kwakzalverij.
De UvA is thans gedegradeerd tot de onderhorige van dat subversieve genootschap. Het valt te hopen dat met name de verantwoordelijke bestuurders, maar ook de studentenvertegenwoordigers van de UvA alsnog zullen inzien dat deze instelling geen plaats behoort te bieden aan een fanaticus als Piet Borst en evenmin aan zijn geestverwanten die hun wetenschappelijke prestige op een ander terrein misbruiken om hun sektarische waarheden onder een breed publiek aldus aan de man te brengen.
Als Piet Borst zo nodig moet - en dat moet hij blijkbaar - dan maar op een zeepkist in het Vondelpark maar niet in een universiteit van faam als de UvA die aldus definitief is ingelijfd door een omstreden sekte die een totalitaire geneeskunde in Nederland voorstaat.
Nostra res agitur.
|