|
Over de uiteenspattende zeepbellen van de Vereniging tegen de kwakzalverij. Dit artikel wordt wat saai. Maar het is nodig om tegengif toe te dienen aan de Vereniging tegen de kwakzalverij. De wetenschappelijke doopceel van dr. Jan Keppel Hesselink. Onder die titel verzamelde de Vereniging anno 2009 een aantal aantijgingen tegen Keppel Hesselink die we hier van commentaar voorzien.
De Vereniging begint direct met een leuke aftrap: Bij Witten/Herdecke heeft Keppel Hesselink niets naspeurbaars op onderzoeksgebied gepresteerd en daarbuiten is zijn wetenschappelijke productie uiterst mager en ver onder het minimumvereiste voor een hoogleraarschap aan een echte universiteit. Daarmee diskwalificeert de Vereniging tegen de kwakzalverij zich meteen bij de eerste alinea. De Vereniging heeft namelijk geen enkel inzicht in geneesmiddelenonderzoek, hoe zouden ze ook, want er zitten alleen maar praktiserende artsen in die vereniging.
Keppel Hesselink: niets naspeurbaars op onderzoeksgebied?
Daarom is er voor hen niets naspeurbaars op onderzoeksgebied gevonden. Ze keken ook alleen in Pubmed, de basis van academische research. Daarmee missen ze toch een boel, zoals bijvoorbeeld Keppel Hesselink's monografie over Iloperidone van Novartis. (IDrugs 2002 5:84-90) Dat er voorts een aantal onderzoekslijnen bij de onderzoeksgigant Bayer opgezet en uitgewerkt zijn door Keppel Hesselink is ook geheel onzichtbaar voor de kortzichtige blik van de Vereniging. Ook is onzichtbaar voor hen gebleven dat Keppel Hesselink samen met enkele andere topwetenschappers een boek geschreven heeft over serotonine bij angst en depressie, toen dat onderwerp nog in haar kinderschoenen stond. En voorts is onzichtbaar voor hen dat Keppel Hesselink nog steeds, ook anno 2009, grote banken adviseert bij het investeren van miljoenen in biotechnologische bedrijven. Daarvoor is niet alleen vakmanschap een vereiste, maar ook grote wetenschappelijke deskundigheid. Banken investeren immers niet op aanraden van iemand die 'op onderzoeksgebied niets naspeurbaars heeft gepresteerd'...
Samenvattend: dat de VtdK niets naspeurbaars van Keppel Hesselink heeft gevonden op onderzoeksgebied wordt veroorzaakt door het feit dat de leden van die Vereniging geen enkele notie hebben van onderzoekstradities binnen de farmaceutische industrie en de investeringspolicy van investeerders. Hun openingszin tegen Keppel Hesselink is dan ook slechts een testimunium paupertatis.
Keppel Hesselink: Ver onder het minimumvereiste voor een hoogleraarschap aan een echte universiteit.
De tweede aantijging was dat het werk van Keppel Hesselink ver onder het minimumvereiste zou zijn voor een hoogleraarschap aan een echte universiteit. Ook dit geeft de onnozelheid en onkunde van de leden van die vereniging weer!
Er bestaat daar duidelijk geen enkel inzicht in de reden waarom de universiteit, waaraan Keppel Hesselink verbonden is, hem als buitengewoon hoogleraar aanstelt. Dat is niet primair vanwege de grote universitaire output in de vorm van academische artikelen. Los van het feit dat Keppel Hesselink wel een scala van artikelen op zijn naam heeft, benoemt deze universiteit hem als buitengewoon hoogleraar niet voor zijn academische activiteiten en kwalificaties. Daarvoor hebben ze gewone hoogleraren. Nee, ze benoemden Keppel Hesselink om zijn buitengewone kennis en inzichten in de geneesmiddelenontwikkeling en wegens zijn expertise op het terrein van strategische bedrijfsvoering binnen de farmaceutische industrie. De universiteit weet dat praktische kennis erg moeilijk in te kopen is, en probeert met een buitengewoon hoogleraarschap die kennis voor weinig of geen geld in het reguliere curriculum op te nemen. Een buitengewoon hoogleraarschap is namelijk veelal onbezoldigd, ook in dit geval.
Met die eerste alinea heeft de Vereniging tegen de kwakzalverij zich als serieuze gesprekspartner dan ook meteen gediskwalificeerd.
Keppel Hesselink: Hoogleraar moleculaire farmacologie
Dat Keppel Hesselink hoogleraar farmacologie is, en zelfs moleculaire farmacologie, begrijpt de Vereniging tegen de kwakzalverij ook helemaal niet. Ook hier weer de onwetendheid van de achter de geraniums zittende gepensioneerde hoogleraren (interne geneeskunde en..psychologie) die vanuit hun benauwende coterie van medische fundamentalisme het raillerende artikel over Keppel Hesselink's geloofsbrieven schreven. Als Vice President en Business hoofd CNS was Keppel Hesselink vele jaren de motor binnen Bayer van al het onderzoek op het gebied van hersenen en gedrag: van molecuul tot geneesmiddel en marketing. Dat het onderzoek binnen de farmaceutische industrie niet leidt tot publicaties, alvorens een door patent afgedekt molecuul in ontwikkeling is genomen, weten de gepensioneerde hoogleraren blijkbaar niet. Maar de universiteit wel. En die haalde met de aanstelling van Keppel Hesselink een schat aan praktische moleculair farmacologische kennis binnen.
Voorts heeft de zeer prestigieuze Koninklijke Nederlandse Academie voor Wetenschappen (KNAW) Keppel Hesselink jaren lang als huisadviseur gehad op het gebied van wetenschapsmanagement binnen de biowetenschappen. Daar adviseerde hij zowel het Hubrecht laboratorium (nadien o.l.v. Prof Plassterk..), het herseninstituut en het ooginstituut te Amsterdam. Dat ging dan om moleculair farmacologische in moleculair biologische onderwerpen... En dat het AMC hem daarna benoemde als directeur van het internationale AIDS instituut (IATEC) was uiteraard ook niet vanwege zijn blauwe ogen...
Keppel Hesselink: als auteur erbij vanwege geld..
Natuurlijk, met boter op hun hoofd via de eigen sponsoring, haalt de Vereniging tegen de kwakzalverij wederom uit naar Keppel Hesselink door de insinuatie dat hij als mede auteur op publicaties verscheen, vanwege het feit dat Bayer daarvoor geld heeft betaald:
Als we zoeken naar zijn publicaties op het wetenschapsgebied van de moleculaire (neuro)farmacologie (naar zijn eigen zeggen zijn specialisme), vinden we geen enkele publicatie op dit terrein. Er zijn wel 3 studies over het kalmeringsmiddel ipsapiron verschenen in 1993 (uit het Institute for Psychopharmacology Research, San Diego), in 1995 (uit het Philadelphia College of Pharmacy) en in 1998 (uit Miles Inc. New Haven), maar dit zijn klinische studies en geen moleculair-farmacologische. Bovendien is hij bij geen enkele publicatie eerste of laatste auteur, maar staat hij vermeld als respectievelijk derde , vijfde en voorlaatste, en vierde en voorlaatste auteur. Hij werkte in die periode bij de firma Bayer, de producent van ipsapiron en staat er vrijwel zeker bij als mede-auteur, omdat Bayer de financier was van deze studies.
Ook hier slaat men weer de plank mis, door onkunde omtrent hoe het in de farmaceutische industrie toegaat. Dat Keppel Hesselink als mede auteur bij een aantal publicaties wordt vermeld, heeft als reden dat hij in die tijd het mastermind was achter de ontwikkeling van het middel ipsapirone. Hij was toen internationaal klinisch projectmanager en coordineerde klinisch onderzoek over de hele wereld met o.a. de stof die men noemde, ipsapirone. Dat hij als auteur bij enkele publicaties wordt genoemd, moet aangevuld worden met minstens een tiental onderzoeken , waar hij achter de schermen de ontwikkelaar was van het hele onderzoeks-programma. De internationaal klinisch projectmanager bij de farmaceutische reus Bayer is namelijk de project kampioen die verantwoordelijk is voor de gehele klinische ontwikkelingsstrategie. Maar ja, dat weet men natuurlijk niet bij de anti-kwak dokters. En je trachten in te kopen als auteur terwijl je een farmaceutisch werkzaam arts bent, is een bizarre en kwaadaardige fantasie, heren. Het is altijd andersom: de industrie koopt academische namen in als co-auteurs! Jammer, weer een misser dus van de Vereniging tegen de kwakzalverij. Los van het feit dat de farmaceutische industrie meestal juist vermijdt om een eigen werknemer als auteur op een wetenschappelijke publicatie te vermelden...Als dat al gebeurt, moet je, zoals hier, een echte opinionleader zijn.
Keppel Hesselink: geen medisch onderzoeker... maar wel KNAW adviseur!
Het wordt helemaal grotesk in de samenvatting over Keppel Hesselink: Blijkens zijn publicaties heeft hij nooit zelfstandig medisch wetenschappelijk onderzoek verricht en met name niet op het terrein van de moleculaire farmacologie. Hij wekt ten onrechte de indruk dat hij medisch onderzoeker is.
Keppel Hesselink is als afgestudeerd medisch bioloog meer onderzoeker dan menig arts ooit zal zijn, en zeker meer dan de trompetteraars van de Vereniging. Voorts is zijn trackrecord als onderzoeker en wetenschapper van dien aard, dat anno 2009 grote medisch investeerders op basis van zijn oordeel nog hele pipelines moleculen inkopen...Dat feit reeds vormt al een onweerlegbaar zakelijk argument dat al het geneuzel over de insinuatie dat Keppel Hesselink geen medisch onderzoeker zou zijn bijzet in het mausoleum van misvattingen van de Vereniging tegen de kwakzalverij. En dat mausoleum is al behoorlijk overvol ...
Nawoord: Beste gepensioneerde professoren, auteurs van het stuk de wetenschappelijke doopceel van dr. Jan Keppel Hesselink!
Jullie vlijt om op Kerstavond 2008 dit stuk te compileren en op het web te zetten is aandoenlijk en geeft aan hoe krampachtig jullie zijn in de strijd tegen de kwakzalverij. Maar zou het niet handig zijn om jullie energie te richten op echte kwakzalverij zelf! In plaats van op de man te spelen. Door dit niet te doen vinden jullie een lastige tegenstander op je pad, wiens kracht door jullie steeds wordt onderschat. Want behalve het zijn van hoogleraar beschikt Keppel Hesselink over aanzienlijk meer en overtuigende kwalificaties dan die van louter een basis-arts acupuncturist zoals jullie hem geringschattend afschilderen. Een basis-arts acupuncturist rondt immers geen opleiding voor ziekenhuisdirecteur met succes af, en kwalificeert zich niet als wetenschappelijk adviseur bij de KNAW om maar eens iets te noemen. Laat de Vereniging dus maar stoppen met het afvuren van louter blindgangers en het spelen op de man. Deze zinloze verspilling van energie leidt immers slechts tot schade van de Nederlandse patienten.
Keppel Hesselink: goed voor een stroom van publicaties
En tenslotte blijkt Keppel Hesselink een bron te zijn van publicaties op het gebied van innovaties binnen het vakgebied pijnbehandeling, hieronder de meest recente artikelen van zijn hand. Het is dus allemaal duidelijk de kift. Want wat zijn die grenzenverleggende publicaties van de VtdK dan wel???
- Keppel Hesselink JM, Kopsky DJ. Letter to the editor. Curr Ther Res Clin Exp 2010 71(6): 416-417.
- Keppel Hesselink JM, Kopsky DJ. An integrative approach for the treatment of neuropathic pain.EU J Int Med 2010; 2 (4): 190.
- Kopsky DJ, Keppel Hesselink JM Nerve Regeneration in Neuropathic Pain Pain Med 2010 Okt, 11(10):1576.
- Kopsky DJ, Keppel Hesselink JM. A new combination cream for the treatment of severe neuropathic pain.J Pain Symptom Manage. 2010 Feb;39(2):e9-e10.
- Hesselink JM, Kopsky DJ. Enhancing acupuncture by low dose naltrexone. Acupunct Med. 2011 Jun;29(2):127-30. Epub 2011 Mar 17. [3]
- Liebregts R, Kopsky DJ, Hesselink JM. Topical amitriptyline in post-traumatic neuropathic pain. J Pain Symptom Manage. 2011 Apr;41(4):e6-7. [4]
- Keppel Hesselink JM. Effectiveness of the association micronized N-palmitoylethanolamine (PEA)-transpolydatin in the treatment of chronic pelvic pain. Eur J Obstet Gynecol Reprod Biol. 2011 Jul 14 [5]
- David J. Kopsky and Jan M. Keppel Hesselink. Multimodal Stepped Care Approach Involving Topical Analgesics for Severe Intractable Neuropathic Pain in CRPS Type 1: A Case Report. IN: Case Reports in Medicine Volume 2011, Article ID 319750, doi:10.1155/2011/319750
- David J. Kopsky, G.J. Amelink and Jan M. Keppel Hesselink. Intractable neuropathic pain in spinal intramedullary cavernoma treated successfully with a novel combination cream. Pain Medicine 2012, accepted for publication
|